Menu
Europees parlement wil betere bescherming tegen blootstelling aan asbest

Europees parlement wil betere bescherming tegen blootstelling aan asbest

Sociale Zaken Kanker Volksgezondheid Europese Unie
4 min. leestijd

Het Europees Parlement heeft dinsdag een ambitieus rapport goedgekeurd waarin het pleit voor een versterkte Europese aanpak van asbestverwijdering. Cindy Franssen, die het rapport onderhandelde namens de Europese Volkspartij: “Ik ben heel tevreden met dit rapport. We moeten dit momentum van de Green Deal en de renovatiegolf aangrijpen om Europa eindelijk asbestvrij te maken.”

Asbest blijft de belangrijkste oorzaak van arbeidsgerelateerde kanker in de EU. Jaarlijks sterven 88.000 Europeanen aan de gevolgen van abest en is 55 à 85% van de gevallen van longkanker op het werk eraan te wijten. De meeste lidstaten hebben het gebruik van asbest in de jaren negentig al verboden. Sinds 2005 is er een algemeen Europees verbod op het gebruik van asbest. Het kan echter een aantal decennia duren voordat symptomen van blootstelling aan asbest zichtbaar worden. Het kan dus gebeuren dat getroffenen zich pas na zeer lange tijd realiseren dat ze ooit blootgesteld werden aan asbest. Deze lange latentietijd verklaart ook mee de recente toename van het aantal beroepskankers.

Cindy Franssen: “Ongeveer 35% van de gebouwen in de EU zijn meer dan 50 jaar oud. We streven ernaar om tegen 2030, in het kader van de Green Deal en de bijkomende renovatiegolf, 35 miljoen gebouwen te renoveren. Bijgevolg zullen grote hoeveelheden asbest worden aangetroffen tijdens de renovaties.

Nood aan Europese standaarden voor asbestverwijdering

Om de potentiële golf van nieuwe blootstelling aan asbest zo efficiënt en effectief mogelijk aan te pakken, hebben we nood aan ambitieuze en gemeenschappelijke standaarden op Europees niveau. We zien immers dat er tussen de lidstaten grote verschillen bestaan op vlak van asbestverwijdering.  

In de bouwsector werken veel gedetacheerde en mobiele werknemers uit verschillende landen. Een gebrek aan eenduidige regels op vlak van grenswaarden voor de blootstelling van asbest voor werknemers is nefast voor hun gezondheid, en die van de Europeanen in het algemeen. Er is ook behoefte aan een betere coördinatie tussen de lidstaten op het gebied van arbeidsinspecties en opleiding inzake het veilig verwijderen van asbest. Maar een Europese aanpak van asbestverwijdering is ook nodig om asbestdumptoerisme aan te pakken in grensgebieden en de malafide asbestverwijderingsbedrijven uit de markt te halen.”

Franssen: “Anderzijds is het duidelijk dat asbest niet alleen een probleem is van werknemers. Blootstelling aan asbestvezels gebeurt niet enkel meer op de werkvloer, maar ook thuis, tijdens het sporten of zelfs op school. Daarom moet het toepassingsgebied van de regelgeving worden uitgebreid. In de toekomst gaan we voor een asbestvrij Europa, niet alleen een asbestvrije werkplek.”

Ambitieus rapport

Het gestemde rapport  stelt concrete maatregelen voor om bovenstaande problematiek aan te pakken. Zo pleit daarom voor een ambitieuze aanpak van asbestverwijdering. met een asbestinventarisattest bij verkoop of verhuur van een gebouw en de verplichte asbestverwijdering bijrenovatiewerken. Het rapport stelt een grenswaarde voor de blootstelling van werknemers aan asbest voor die 100 keer lager ligt dan de huidige limiet. Asbest is in België al erkend als beroepsziekte. Het rapport roept echter op om de administratieve procedure voor slachtoffers te vergemakkelijken en pleit voor een omgekeerde bewijslast als er een duidelijke aanwijzing is van asbestblootsteliing.

Franssen: “De forse verlaging van de Europese limietwaarde en de omgekeerde bewijstlast bij de erkenning van asbest als beroepsziekte, is een krachtig signaal van het Europees Parlement dat werknemers de best mogelijke bescherming verdienen.”

Volgende stappen

De Europese Commissie zal binnen de drie maanden met een analyse van het rapport komen en eventuele beleidsinitiatieven voorstellen.

Franssen: “Dit rapport is een grote stap voorwaarts in de strijd tegen asbest. Dit kan echter enkel als er voldoende middelen beschikbaar worden gesteld en de regels afgedwongen kunnen worden via inspecties. Daarom wordt er, via Europese fondsen, financiële ondersteuning voorzien voor huiseigenaars bij de verwijdering van asbest. Aan de lidstaten wordt gevraagd om het aantal en de kwaliteit van de inspecties drastisch te verhogen.

Het is duidelijk dat we dit momentum van de renovatiegolf moeten aangrijpen om ons voor eens en altijd te ontdoen van de duistere erfenis van asbest.”

Perscontact

Kim Van Aken
Adviseur Arbeid & Sociale Zaken
+32 472 68 37 24
kim.vanaken@europarl.europa.eu

Meest gelezen
© 2021 Cindy Franssen